Een preekje van de patriarch

Gepubliceerdop feb 25, 2022

Het Moskvazwembad (1960) en de Christus Verlosser Kathedraal (Bron)

Het is vreemd om over de religie van Rusland te schrijven op het moment dat de leider van dit land angst en geweld zaait in de Oekraïne. Tegelijkertijd kenmerkt het geweld ook de relatie van de Russische staat ten opzichte van de kerk voor een groot deel van de twintigste eeuw. Die geschiedenis is mede bepalend voor de loyale houding van de kerk aan het gezag in het Kremlin vandaag de dag.

Elke keer wanneer Stalin uit het raam van zijn werkkamer keek, werd hij geconfronteerd met de triomf van de Orthodoxe kerk. Vlakbij het Kremlin stond namelijk de Christus Verlosserkathedraal. Het was de grootste Russisch-orthodoxe kerk ooit gebouwd en het gold als het symbool voor het Russisch nationalisme.
Na de aftocht van Napoleon begin negentiende eeuw, werd het nationalisme nieuw leven ingeblazen. Rusland was sinds Peter de Grote gericht op het Westen en Frankrijk gold als lichtend voorbeeld van de nieuwe wereld. Na de invasie van Napoleon had het Westen afgedaan en werd Rusland weer bepaald bij haar eigen identiteit. Een belangrijke pijler van die identiteit was de religie en om dit te onderstrepen werd de grootste Russisch-orthodoxe kerk gebouwd aan de oever van de Moskva, nabij het Kremlin.

De communistische revolutie van 1917 zou de religieuze wereld op haar kop zetten. Niet alleen werd religie beschouwd als opium voor het volk, de kerk was bovenal een potentiële bedreiging voor de communistische machtshebbers. De Russisch-orthodoxe kerk werd het doelwit van vervolging en geweld.

De cijfers spreken boekdelen. Tussen 1917 en 1935 werden er in Rusland 130.000 priesters gearresteerd, waarvan er bijna 100.000 zijn gedood. In 1917 waren er 29.584 kerken in Rusland, waarvan er in 1940 nog minder dan 500 over waren gebleven. De overige kerken werden omgetoverd tot paardenstallen, opslagplaatsen of vernietigd.
Verwoesting was ook het lot van de Christus Verlosserkathedraal. In 1931 werd het opgeblazen en op dezelfde plek zou een gigantisch paleis van de Sovjets moeten verrijzen. Het is er nooit van gekomen. Is plaats daarvan kwam er een zwembad.

Om totale uitroeiing van de kerk te voorkomen, gaf patriarch Sergius in 1927 blijk van loyaliteit aan de Sovjet Unie en beloofde hij zich afzijdig te houden van de politiek.

Met de glasnost in de jaren 80, kwam er weer meer ruimte voor geloofsvrijheid. Al voor de val van de Sovjet-Unie werden plannen om de Christus Verlosserkathedraal te herbouwen goedgekeurd en in 2000 werd dit monument van de Russisch-orthodoxe kerk ingewijd.
De kerk gaf de Russen na de val van het communisme weer een hernieuwde identiteit. Overal verrezen kerken en meer dan driekwart van de bevolking identificeerde zich weer als Orthodox christen. De laatste jaren is er een kentering waarneembaar en keert de jeugd zich massaal af van de kerk. De schuld hiervan ligt volgens de kerk uiteraard bij de destructieve ideologieën uit het Westen. Het preekje van de patriarch (zie hieronder) zegt genoeg.

De belangen van de Russisch-orthodoxe kerk en de staat liggen vandaag de dag in elkaars verlengde. Dat het ook heel anders kan zijn, daar is de Russisch-orthodoxe kerk zich maar al te goed van bewust.